Update
Geachte heer/mevrouw,
Bijgaand treft u een nieuwe GZR Update aan.
Rechtspraak
Graag wijs ik u op de uitspraken onder aan deze nieuwsbrief. Ik licht er enkele voor u uit.
Tenuitvoerlegging voorwaardelijk opgelegde schorsing
De eerste uitspraak die ik wil belichten, gaat over het niet naleven door een beroepsbeoefenaar van hem bij een uitspraak van het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg opgelegde voorwaarden bij een voorwaardelijke schorsing (GZR 2026-0056). Het gevolg ervan was dat de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg te ’s-Hertogenbosch verzocht om over te gaan tot tenuitvoerlegging van de voorwaardelijk opgelegde schorsing. De beroepsbeoefenaar verzocht om een tweede kans, maar tevergeefs; de tuchtrechter achtte het laakbaar dat de beroepsbeoefenaar de inspectie niet volledig had geïnformeerd, een passieve houding had aangenomen en onduidelijk was over zijn hoedanigheid.
Uitleg verjaringstermijn productaansprakelijkheid
De tweede uitspraak betreft een uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (GZR 2026-0058). Het hof oordeelde in een kwestie van productaansprakelijkheid (vaccin in dit geval) dat de verjaringstermijn begint te lopen op de dag waarop de eiser kennis kreeg dan wel had moeten krijgen van zowel de schade toen die zich duidelijk heeft geopenbaard in verband met het gebrekkige product en ongeacht de verdere ontwikkeling van de schade, als het gebrek van het product en de identiteit van de producent. Niet juist is dat enkel het tijdstip van de consolidatie van de schade als dit beginpunt kan gelden.
Annotatie
De database is ook verrijkt met een nieuwe annotatie, dit keer van de hand van Eva Jacobs (secretaris KIFID). Zij annoteert een uitspraak van de rechtbank Den Haag, waarin de uitleg van de zorgverzekeringsovereenkomst centraal stond (GZR 2026-0050). Eva analyseert het gebruik van het Haviltex-criterium om de zorgverzekeringsovereenkomst uit te leggen.
LinkedIn-groep
Bent u al bekend met onze LinkedIn-groep? Nadat u op LinkedIn bent ingelogd, wordt u op deze pagina geattendeerd op onze nieuwsbrief, maar ook op ander nieuws. Verder kan op deze pagina kennis worden gedeeld.
Inzenden eigen rechtspraak
Beschikt u zelf over een nog niet gepubliceerde uitspraak die relevant is voor de gezondheidsrechtpraktijk en rechtsontwikkeling, dan kunt u mailen naar klantenservice@boom.nl.
Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar klantenservice@boom.nl.
Alvast een goed weekend.
Met vriendelijke groet,
Rolinka Wijne
Hoofdredacteur GZR Updates
Hof van Justitie van de Europese Unie
Rechtbank
- Rechtbank Rotterdam Kort geding. Een man bedreigt een ziekenhuismedewerker, waarna het ziekenhuis de man de toegang tot het ziekenhuis voor een jaar ontzegt. De man vordert, zeven maanden na dato, opheffing van het ziekenhuisverbod. Tevergeefs. Hard bewijs ontbreekt, maar in het kader van dit kort geding wordt voldoende aannemelijk dat de man de bedreiging heeft geuit. De bedreiging rechtvaardigt het verbod. De duur is niet disproportioneel. Het ziekenhuis hoefde niet eerst een waarschuwing te geven. Voor opheffing blijkt niet van een voldoende spoedeisend belang. 09-03-2026
- Rechtbank Amsterdam Voorlopig deskundigenbericht. Een vrouw heeft bloeddrukschommelingen. Na negentien jaar stapt zij over naar een ander ziekenhuis, dat binnen enkele maanden de bloeddruk onder controle heeft. De vrouw stelt het eerdere ziekenhuis aansprakelijk. Dat erkent geen aansprakelijkheid. Thans verzoekt de vrouw de rechtbank een neuroloog als deskundige te benoemen. De rechtbank wijst het verzoek van de vrouw af. Haar verwijten en vragen liggen niet op het vakgebied van een neuroloog. De rechtbank volgt de vrouw niet dat eerst de neurologische schade moet worden vastgesteld en pas daarna het handelen van de endocrinoloog moet worden beoordeeld. De vrouw maakt onvoldoende duidelijk wat zij wil bereiken met de neurologische expertise. 11-09-2025
Tuchtcolleges
- Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Arts hield zich niet aan voorwaarden van voorwaardelijke schorsing (geen duidelijke supervisie, onvolledige informatie aangeleverd en titelgebruik). Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg gelast tenuitvoerlegging: schorsing van drie maanden. 25-03-2026
- Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Aan een radioloog wordt in eerste aanleg de maatregel van een berisping opgelegd. Daarbij heeft het RTG op grond van artikel 48 lid 11 Wet BIG bepaald dat de berisping, zodra de beslissing onherroepelijk is geworden, zal worden aangetekend in het BIG-register en aldus openbaar zal worden gemaakt. De radioloog stelt beroep in tegen de beslissing. Dit beroep richt zich uitsluitend tegen de openbare publicatie van de maatregel van berisping en opname daarvan in het BIG-register. Het CTG verklaart het beroep van de radioloog gegrond en vernietigt de beslissing van het RTG op dat punt. 25-03-2026